In het onafhankelijk financieel-economisch weekblad The Economist (publicatie 30 oktober 2021) staat een ‘special rapport’ over de klimmaattop, onder de titel ‘Stabilising the climat’. En daarin vinden we de volgende formule:

De CO2-uitstoot van een land = (is de som van):

  • Het aantal mensen op de wereld
  • + het gemiddeld binnenlands product per inwoner (= de economische productie)
  • + het gemiddeld energieverbruik om die productie te halen
  • + de gemiddelde CO2-uitstoot om die energie te maken.

Dus: hoe krijg je de CO2-uitstoot naar beneden?

  • Minder mensen, of toch minstens een stabilisatie (er zijn nu 7,9 miljard mensen)
  • Zuiniger mensen, die minder consumeren (minder consumptie per hoofd)
  • Energiezuinige productiemethodes en/of minder transportuitstoot (de-globalisatie ?)
  • Klimaatvriendelijke energiebronnen

Krijgt u ook het gevoel dat de beleidsmakers (en uzelf misschien ook) een paar van bovenstaande punten ‘vergeten’ ?

  • De wereldbevolking blijft groeien …
  • We consumeren vandaag (lokaal, regionaal en wereldwijd !) niet minder, maar véél meer, in belangrijke mate zelfs door de onbesuisde, blinde, kortzichtige en veel te snelle drang naar klimaattransitie (energie, isolatie, ….) !
  • Wat met de armere landen, waar de levenstandaard (= consumptie) stijgt. Gaan de rijkere landen die vragen om terug te verarmen?
    We denken dan bij voorbeeld aan India, met ca 1,3 miljard inwoners die ook wel wat westerse luxe wensen.
  • Is het eerlijk om in onze landen moderne bedrijven met hoog CO2-verbruik (zoals staal) te sluiten, terwijl we toch de producten blijven afnemen van gelijkaardige maar verouderde en meer vervuilende bedrijven in arme landen? En ze dan met de vinger te wijzen? Hebben wij dan echt ‘propere handen’?

 

 

Een beetje voorbij Rejkjavik, Ijsland, staat ORCA. Dit is een fabriek van ClimeWorks, en die haalt CO2 uit de lucht. De CO2 wordt opgevangen in water.
In samenwerking met een ander bedrijf, Carbfix, pompen ze dat gecarboniseerd water onder de grond. Die ondergrond bestaat uit vulkanische basalt. De CO2 reageert met het gesteente, en vormt het witte kristallijne calciumcarbonaat. Sommige lezers zullen de witte lijnen herkennen in het rotsgesteente.

Op die manier wordt CO2 uit de atmosfeer verwijderd. Het proces wordt betaald door commerciële bedrijven, die op die manier hun ecologische voetafdruk ‘afkopen’.

Uiteraard zijn er nog bedrijven op zoek naar oplossingen voor de CO2-uitstoot, zoals het Canadese Carbon Engineering .

Een te snelle transitie van fossiele brandstoffen naar alternatieve bronnen kan de klimaatproblematiek verhogen!

We geven een voorbeeld. Stel: je bent politieker in een stad, en beslist om in jouw stad het ganse wagenpark in één keer om te switchen naar elektrische voertuigen.
Dat betekent dat je al de bestaande voertuigen vervangt door nieuwe. Dat is een ecologische flater ! Tenzij uw wagenpark oeroud en ultravervuilend is.

Die nieuwe wagens moeten eerst gemaakt worden. Ecologisch moet je dus grondstoffen gebruiken. Terwijl je eigenlijk al een wagen had.

Naast de grondstoffen heb je ook energie nodig. Als iedereen tegelijk nieuwe wagens vraagt, dan vergroot de vraag naar energie. Je creëert een CO2-opstoot !
Aangezien er momenteel onvoldoende groene energie is, stijgt zo ook de vraag naar fossiele energiebronnen. Wat je eigenlijk net wou vermijden.
Transitie is OK, maar dan verstandig gespreid in de tijd.
Daarom: goed politiek beheer betekent soms dat je wat langzamer moet gaan.

Enkele tips:

  • Geef oude wagens de tijd om hun termijn uit te doen.
  • Maar verplicht ook dat elke nieuwe wagen een elektrische of klimaatvriendelijke wagen MOET zijn.
  • Verplicht veelrijders om met een propere wagen rijden. Denk aan bedrijfswagens die veel kilometers per jaar afleggen, taxichauffeurs, bestelwagens, …..
  • Een auto die nul kilometers per jaar rijdt, stoot geen schadelijke stoffen uit. Auto’s die maar af en toe gebruikt worden stoten, opgeteld, relatief weinig uit.
    Dergelijke auto’s met beperkt gebruik dwingend vervangen door een nieuw-te-maken ecologische wagen is meestal geen ecologische WIN !
  • Openbaar vervoer: concentreer je eerst op de drukke lijnen. De ecologische winst is daar het hoogste. Hoe meer comfort en service op die lijnen, hoe hoger de ecologische rendabiliteit !

Tot slot: de beste oplossing is nog altijd ‘minder rijden‘.

 

Wat op het eerste zicht een ecologische meerwaarde heeft, kan op dat gebied wel eens dik tegenslaan!

Vertikale boerderijen lijken een oplossing te bieden voor het vergroenen van de landbouw, en het besparen op landbouwgrond.
Maar het klopt niet. Zo blijkt uit een studie van The Farm, een kunstopstelling in Brussel. Zij spreken over een ecologische paradox.

Waar zit het probleem?

Klassieke landbouw kan genieten van de zon (gratis energie) en de regen (gratis water). Bij vertikaal tuinieren moeten beide bronnen kunstmatig vervangen worden. Daarbij toch wel twee belangrijke parameters. Hoeveel (licht)energie is er nodig, en hoe wordt ze geleverd. De eerste parameter duidt al aan dat we energie zullen moeten creëren. Dat heeft een ecologische kost. Je kan die energie leveren via zonnepanelen (tweede parameter). Maar als je de techniek toepast op industriële schaal, dan verlies je de grootste troef: de plaatswinst van vertikaal tuinieren wordt teniet gedaan door de behoefte aan bijkomende oppervlaktes zonnepanelen. Je hebt dus geen plaatswinst, en je moet gratis energie vervangen door kunstmatige energie.

Het probleem is minder groot als je de energie uit fossiele brandstoffen haalt. Maar dat kan uiteraard niet de bedoeling zijn van een groen project.

Er is wel een positief effect op een efficiënter watergebruik …. voor water-eisende planten zoals sla, tomaten, komkommers, … . Maar de landbouw moet ons ook koolhydraten (granen), proteïnen (peulvruchten) en vetten leveren. En daar ligt de ecologische kost van vertikale landbouw veel hoger.

Het helpt wel als je ‘verloren’ ruimte in openlucht (zoals de daken van gebouwen, verharde gronden, ….) recupereert als landbouw- of tuinierruimte. Dus: breng de betonstop in een stroomversnelling! Kleinschalige projecten vertikaal tuinieren, met zonnepanelen op een ‘verloren’ dak, zijn mogelijk wel zinvol. Maar voor je er aan begint, toch maar even bestuderen of het eindresultaat inderdaad een ecologische WIN is.

Net zoals destijds de biodiesel (op basis van suikerriet) helpt de westerse vraag naar soja mee aan de ecologische ramp in het Amazonegebied.
Duizenden hectaren bos worden gekapt om plaats te maken voor sojavelden. Biodiversiteit wijkt voor monocultuur.

Je kan kritiek hebben op het beleid van de Braziliaanse president Bolsonaro, uiteindelijk zijn ‘wij’ de opdrachtgevers.

BNP Paribas Fortis besliste begin 2021 om geen kredieten en leningen meer te verschaffen aan projecten op Amazone-gronden.
Uiteraard kunnen wij dat alleen maar toejuichen. Hopelijk trekt de bankengroep deze groene reflex door naar haar zogenaamde ‘sustainable’ fondsen.
De bank werkt nu in veel fondsen met tolerantiedrempels: een beetje (5 à 10 %) wapens of  fossiele brandstoffen mag.
BNP: wees consequent en zet die drempels toch op 0 % !!!

 

Sedert eind november 2020 rijden er in Shenzen 25 auto’s rond zonder chauffeur: de RoboTaxi AutoX. Het is geen proefproject meer. Het is realiteit.

AutoX is dochterfirma van Alibaba, maar de wagen wordt geleverd door FiatChrysler (model Pacifica). Er is een verdere uitrol gepland in de Chinese steden Shanghai, Wuhan en Wuhu. Ook het Amerikaanse Silicon Valley komt aan de beurt. Naast de RoboTaxi mogen we ons ook aan een RoboTruck verwachten. En uiteraard gaat het over elektrische wagens.

Uiteraard zitten de concurrenten niet stil. Alphabet, het moederbedrijf boven Google, heeft aangekondigd dat ze haar zelfrijdende Waymo in Phoenix (Arizona) zullen beschikbaar stellen voor publiek gebruik. Terwijl die andere grote Chinese speler, Baidu, Apollo in Beijing wil opstarten. Wellicht duurt het ook niet zo lang meer vooraleer een naam als DiDi bekend in de oren zal klinken.

Laat ons hopen dat dergelijke projecten niet enkel de behoefte aan fossiele brandstof terugdringt, maar ook het aanthttp://www.didiglobal.comal voertuigen in privé-bezit.

De grote oceaanschepen behoren tot de meest vervuilende vervoersmiddelen op aarde. De Zweedse scheepsbouwer Wallenius Marine werkt aan een oplossing: Oceanbird (bekijk filmpje).

Het schip wordt aangedreven door windenergie, volgens de techniek van een zeilschip. Het kan quasi evenveel cargo vervoeren als klassieke oceaanschepen. Minder snel, maar 90 % zuiniger!

En, belangrijk, dit is geen denkpiste. Het schip wordt wordt gebouwd en zou tegen 2024 opgeleverd moeten worden. En hopelijk blijft het niet bij dat ene schip.

Eén zesde van de wereldbevolking woont in India. Ecologisch is het daar niet overal rozengeur en maneschijn. Ook de rechten van de vrouw staan er geregeld onder druk. In het dorp Piplantri worden beiden problemen in één klap aangepakt. Bossen in de buurt moesten plaats maken voor marmermijnen. Als eerbetoon aan zijn overleden dochter (2007) besloot het dorpshoofd Shyam Sundar Paliwal 111 bomen aan te planten, per nieuw geboren dochter in zijn dorp. 111 is in India een heilig getal. Tegelijk pakt het dorp zo de ontbossing aan.

Het opwaarderen van meisjes in in India een sterk signaal. Vaak worden zij als minderwaardig beschouwd tegenover jongens. Elk jaar worden in het dorp meer dan 50 meisjes geboren, goed voor meer dan 5.000 bomen.  De ontbossing is een halt toegeroepen en de waterkwaliteit rond het dorp is sterk verbeterd. Er is lokaal meer werk, de medische voorzieningen zijn verbeterd en de criminaliteit is gedaald. Als dat geen eco-logie (Oikos Logos) is! Ondertussen wordt het voorbeeld gevolgd door meer dan 150 andere dorpen in India, goed voor meer dan 1,5 miljoen bomen tijdens de laatste 10 jaar. Meer over Piplantri leer je in dit filmpje.

De laatste 50 jaren is de wereldbevolking verdubbeld. Tegelijkertijd verkleinen door de klimaatopwarming de woonvriendelijke gebieden op aarde. Er zijn maar twee oplossingen: de wereldbevolking terug doen krimpen, of het rendement van de bewoonbare zones optimaliseren.

Smart cities kunnen bijdragen tot het omvormen van steden naar mensvriendelijke woongebieeden. Eén van de pionierende steden: Singapore, na Monaco de dichtsbevolkte dwergstaat. Hoe zij er in slagen om meer dan 5 miljoen inwoners een leefbare omgeving te bieden, kan je bekijken op www.smartcitylab.com .

In 1979 startte Yadav Payeng op een zandbank in de Brahmaputra-rivier (India) 20 bamboe-bomen. De zandbank was het restant van een eiland, door talrijke overstromingen weggeërodeerd.

Eigenhandig breidde hij jaar na jaar zijn bos uit. Naast bamboe ook diverse inheemse boomsoorten. Het bos kreeg de naam Molai. Ondertussen is het 550 hectaren groot, leven er Bengaalse tijgers en Indische neushoorns en olifanten.  Van de Indische president kreeg Yadav ondertussen de titel ‘Forest Man’. Je kan zijn verhaal volgen in deze videolink (kortfilm 16 min).

Kortere versie (2 min)