Elke dag groeit de wereldbevolking aan met 227.000 mensen (worldometer). Elke dag!

Dat is minder snel dan de laatste 50 jaar, maar het blijft indrukwekkend.
Van eind de jaren ’70 tot vandaag is de wereldbevolking verdubbeld.
Als we de CO2-uitstoot en de roofbouw op natuurlijke grondstoffen willen terugbrengen naar het peil van 50 jaren terug, dan betekent dit ‘per hoofd’ een halvering.

Hoe ga je dat doen?

Niet door alle wagens elektrisch te maken! Want om dat te fabriceren creëer je eerst een CO2- en grondstoffen-piek!
Niet door alle woningen te isoleren! Want om dat te realiseren creëer je eerst een CO2- en grondstoffen-piek!

Wat kunnen we dan wel doen?

Je kan verplichten dat alle nieuwe wagens elektrisch of zeer energiezuinig zijn.
Je kan verplichten dat alle ‘veelrijders’ elektrisch of zeer energiezuinig rijden.
Je kan verplichten dat alle nieuwe woningen energiezuinig zijn.

Maar de enige regel die echt voldoende effect zal hebben is: per hoofd MINDER consumeren. Veel minder!

In Duitsland loopt een onderzoek of drie kerncentrales veilig heropend kunnen worden. Op die manier kan Europa onafhankelijker worden van energieleveringen uit Rusland.

Het heropent het debat of kernenergie voldoende groen is of niet. Er is immers geen CO²-uitstoot en de productie zelf heeft weinig impact op het milieu. Maar er zijn ook enkele belangrijke strijdpunten. Enerzijds de verwerking van het gevaarlijke radio-actieve afval. Anderzijds de kwetsbaarheid van de kerncentrales ingeval van een oorlog, natuurramp of menselijke fout. Die nadelen moeten afgewogen worden tegenover de nadelen van de andere energiebronnen. Bovendien is de grondstof, uranium, schaars aanwezig. Te schaars om te kunnen dienen als een lange-termijnoplossing.

Om de afbouw van de kerncentrales te kunnen opvangen, heeft Duitsland reeds langer haar bruinkoolmijnen heropend. Bruinkool is de fase die volgt op de geologische vorming van turf, en die voorafgaat aan steenkool. Het bevat veel zwavel, die bij verbranding zure regen veroorzaakt. In Duitsland wordt de zwavel grotendeels weggefilterd. Maar er komt bij verbranding wel veel CO² vrij.

De Duitse bruinkoolmijnen worden ontgonnen in dagbouw. Dat wil zeggen dat het aardoppervlak (inclusief woonhuizen) verwijderd wordt, en dat er niet met ondergrondse schachten gewerkt wordt zoals bij steenkool. De mijnen zijn vaak meer dan 100 meter diep. Het wegpompen van overtollig water zorgt voor een daling van het grondwaterpeil in de omgeving. Het zorgt voor een permanent beschadiging van het landschap en landbouwgebied.

De (westerse) obsessie om alle fossiele brandstof volledig af te bouwen kan zich tegen de maatschappij keren.
Beleidsmakers moeten uitkijken dat ze het ene probleem niet vervangen door een andere probleem, want zo geraak je niet vooruit.
De cijfers bewijzen het: ondanks alle maatregelen blijft de CO²-uitstoot wereldwijd stijgen.

Door de klimaatopwarming zullen grote delen van de wereld te maken hebben met agressievere droogteperiodes. Dat heeft een impact op de levensomstandigheden ter plaatse, en op het landbouwrendement.

Maar er zijn ook enkele gebieden waar die omstandigheden net zullen verbeteren ! Wie heeft voordeel bij de klimaatopwarming ?

  • Met stip op nummer 1: Rusland ! De impact is hier enorm groot. Het verdwijnen van de permafrost is qua CO2-uitstoot een ecologisch ramp, maar ca 80 % van het Russische grondgebied wordt aangenamer om te wonen, en zal over meer water beschikken. Het landbouwareaal zal de komende 100 jaar enorm stijgen. De Siberische taïga, zeer rijk aan fossiele brandstoffen, zal toegankelijker worden.
  • Canada: een gelijkaardig verhaal, maar iets minder indrukwekkend dan wat er in Rusland zal gebeuren.
  • Centraal China: terwijl het volkrijke oosten en het zuidoosten van China meer droogtes zullen kennen, gebeurt het omgekeerde in het binnenland. Grote delen van de Gobi-woestijn en een gebied ten noorden van de Himalaya (waar de Oeigoeren wonen !) zouden meer regen krijgen.

De Russen en de Chinezen beseffen het maar al te goed !

De Europese Unie wil werk maken om onafhankelijk te worden van gas- en olieleveranciers. De havens van Antwerpen en Zeebrugge werken sedert april 2022 officieel samen (Port of Antwerp-Bruges), en er bieden zich vandaag enorme opportuniteiten aan.

Vooral de kustligging en de bestaande infrastructuur van Zeebrugge is een troef. Deze haven is nu reeds gespecialiseerd in het opslaan van gas-onder-druk.

Een van de meest beloftevolle groene energiebronnen is waterstof.  Er zijn verschillende productiemethodes voor waterstof, maar de meest duurzame is de methode op zonne-energie. Zonrijke woestijnlanden als Oman en Namibië kunnen deze goedkoper produceren dan wijzelf.  Zeebrugge is zich volop aan het voorbereiden om dé overslaghaven te worden voor waterstofgas.

Ook via windenergie kan je waterstofgas produceren, maar voorlopig gebruiken we onze eigen windenergie beter als groene elektriciteitsbron.

Het havenbestuur is zich bewust van de ecologische kansen: een ‘sustainable transition manager’ mag zich uitleven in het vergroenen van de havenwerking en -activiteiten.

 

 

 

Er worden rond Oekraïne twee oorlogen gevoerd. Eén territoriale strijd om grondgebied, waarbij de Russen delen van hun moederland terug opeisen. Historisch ligt het ontstaan van Rusland 1000 jaar geleden rond Kiev en in de Krim. In 989 huwde Vladimir, grootvorst van Kiev, op de Krim met de zuster van de Byzantijnse keizer. Het vorstendom Kiev werd de eerste Russische staat.
Tegelijkertijd voeren de NAVO-landen en de EU28-landen een economische oorlog tegen Rusland, en die verloopt veel zwaarder dan verwacht. Het belangrijkste wapen is olie en gas. Zowel Rusland (inkomsten) als Europa (inflatie) betalen daarvoor een zeer hoge prijs.
Die economische oorlog kost geld, en ook BIF EcoLogical voelt dat. Sterkhouders op de financiële markten zijn producenten van fossiele brandstoffen. Maar om ecologische redenen investeert BIF EcoLogical daar niet in. Ook niet in goud. Maar een deel van de Europese lange-termijnoplossing ligt net in de onafhankelijkheid van die fossiele brandstoffen. En daar is BIF Ecological goed gepositioneerd. Vroeg of laat komt dat naar boven.

In ons streven naar vergroening zijn we niet altijd even eerlijk. We lichten dat even toe met een voorbeeld.

We hebben staal nodig, maar willen de staalfabrieken weg uit ons land. Nochtans zijn onze fabrieken veel ecologischer en menselijker dan bijvoorbeeld die in India. Op die manier exporteren we milieu-onvriendelijkheid naar lage-loon-landen. Om die dan op wereldconferenties met de vinger te wijzen dat hun ecologische cijfers niet goed zijn. We exporteren de lasten, en importeren de lusten. Als die armere landen niet dezelfde ‘propere’ condities kunnen realiseren als wijzelf, is dat op wereldniveau een verliesverhaal.

Als wij zelf de eindgebruiker zijn moeten we ook de lasten willen dragen. We beslissen nog te veel vanuit het ‘niet-in-mijn-achtertuin’ gevoel.

Horen grondstoffenmijnen thuis in een ecologisch fonds?

Op heden nemen we ze niet op in BIF EcoLogical. Nochtans zijn er een aantal metalen onmisbaar, als we fossiele brandstoffen willen vervangen door alternatieve energiebronnen. Men spreekt hier over de ‘green metals‘: Aluminium, Cobalt, Koper, Lithium, Zink, Nikkel en Zilver.

Niet alle mijnen waar deze grondstoffen gedelfd worden zijn milieu- of mensvriendelijk. In België hebben we een bovengrondse mijn, die deze stoffen recycleert: de fabriek van Umicore in Hoboken. Een positief verhaal, met ook een schaduwkant. De woonwijken in de buurt ervaren loodverontreiniging. Umicore doet wel flink haar best om dit op te lossen. maar het toont toch wel het spanningsveld dat ook de energietransitie gepaard gaat ten koste van mens en natuur.

Lees zeker ook ons nieuwsbericht over ‘ecologisch kolonialisme’.

Een te snelle transitie van fossiele brandstoffen naar alternatieve bronnen kan de klimaatproblematiek verhogen!

We geven een voorbeeld. Stel: je bent politieker in een stad, en beslist om in jouw stad het ganse wagenpark in één keer om te switchen naar elektrische voertuigen.
Dat betekent dat je al de bestaande voertuigen vervangt door nieuwe. Dat is een ecologische flater ! Tenzij uw wagenpark oeroud en ultravervuilend is.

Die nieuwe wagens moeten eerst gemaakt worden. Ecologisch moet je dus grondstoffen gebruiken. Terwijl je eigenlijk al een wagen had.

Naast de grondstoffen heb je ook energie nodig. Als iedereen tegelijk nieuwe wagens vraagt, dan vergroot de vraag naar energie. Je creëert een CO2-opstoot !
Aangezien er momenteel onvoldoende groene energie is, stijgt zo ook de vraag naar fossiele energiebronnen. Wat je eigenlijk net wou vermijden.
Transitie is OK, maar dan verstandig gespreid in de tijd.
Daarom: goed politiek beheer betekent soms dat je wat langzamer moet gaan.

Enkele tips:

  • Geef oude wagens de tijd om hun termijn uit te doen.
  • Maar verplicht ook dat elke nieuwe wagen een elektrische of klimaatvriendelijke wagen MOET zijn.
  • Verplicht veelrijders om met een propere wagen rijden. Denk aan bedrijfswagens die veel kilometers per jaar afleggen, taxichauffeurs, bestelwagens, …..
  • Een auto die nul kilometers per jaar rijdt, stoot geen schadelijke stoffen uit. Auto’s die maar af en toe gebruikt worden stoten, opgeteld, relatief weinig uit.
    Dergelijke auto’s met beperkt gebruik dwingend vervangen door een nieuw-te-maken ecologische wagen is meestal geen ecologische WIN !
  • Openbaar vervoer: concentreer je eerst op de drukke lijnen. De ecologische winst is daar het hoogste. Hoe meer comfort en service op die lijnen, hoe hoger de ecologische rendabiliteit !

Tot slot: de beste oplossing is nog altijd ‘minder rijden‘.

 

Wat op het eerste zicht een ecologische meerwaarde heeft, kan op dat gebied wel eens dik tegenslaan!

Vertikale boerderijen lijken een oplossing te bieden voor het vergroenen van de landbouw, en het besparen op landbouwgrond.
Maar het klopt niet. Zo blijkt uit een studie van The Farm, een kunstopstelling in Brussel. Zij spreken over een ecologische paradox.

Waar zit het probleem?

Klassieke landbouw kan genieten van de zon (gratis energie) en de regen (gratis water). Bij vertikaal tuinieren moeten beide bronnen kunstmatig vervangen worden. Daarbij toch wel twee belangrijke parameters. Hoeveel (licht)energie is er nodig, en hoe wordt ze geleverd. De eerste parameter duidt al aan dat we energie zullen moeten creëren. Dat heeft een ecologische kost. Je kan die energie leveren via zonnepanelen (tweede parameter). Maar als je de techniek toepast op industriële schaal, dan verlies je de grootste troef: de plaatswinst van vertikaal tuinieren wordt teniet gedaan door de behoefte aan bijkomende oppervlaktes zonnepanelen. Je hebt dus geen plaatswinst, en je moet gratis energie vervangen door kunstmatige energie.

Het probleem is minder groot als je de energie uit fossiele brandstoffen haalt. Maar dat kan uiteraard niet de bedoeling zijn van een groen project.

Er is wel een positief effect op een efficiënter watergebruik …. voor water-eisende planten zoals sla, tomaten, komkommers, … . Maar de landbouw moet ons ook koolhydraten (granen), proteïnen (peulvruchten) en vetten leveren. En daar ligt de ecologische kost van vertikale landbouw veel hoger.

Het helpt wel als je ‘verloren’ ruimte in openlucht (zoals de daken van gebouwen, verharde gronden, ….) recupereert als landbouw- of tuinierruimte. Dus: breng de betonstop in een stroomversnelling! Kleinschalige projecten vertikaal tuinieren, met zonnepanelen op een ‘verloren’ dak, zijn mogelijk wel zinvol. Maar voor je er aan begint, toch maar even bestuderen of het eindresultaat inderdaad een ecologische WIN is.

Net zoals destijds de biodiesel (op basis van suikerriet) helpt de westerse vraag naar soja mee aan de ecologische ramp in het Amazonegebied.
Duizenden hectaren bos worden gekapt om plaats te maken voor sojavelden. Biodiversiteit wijkt voor monocultuur.

Je kan kritiek hebben op het beleid van de Braziliaanse president Bolsonaro, uiteindelijk zijn ‘wij’ de opdrachtgevers.

BNP Paribas Fortis besliste begin 2021 om geen kredieten en leningen meer te verschaffen aan projecten op Amazone-gronden.
Uiteraard kunnen wij dat alleen maar toejuichen. Hopelijk trekt de bankengroep deze groene reflex door naar haar zogenaamde ‘sustainable’ fondsen.
De bank werkt nu in veel fondsen met tolerantiedrempels: een beetje (5 à 10 %) wapens of  fossiele brandstoffen mag.
BNP: wees consequent en zet die drempels toch op 0 % !!!